← Terug naar artikelen · Wonen, demografie & beleid

Laat ouderen samen wonen, dan komt de woningmarkt in beweging

4-3-2026 · Wonen, demografie & beleid

Nederland kampt met woningnood, maar tegelijk staan miljoenen slaapkamers leeg.

Volgens het CBS wonen oudere huishoudens gemiddeld ruimer dan jongere generaties. Alleenstaande oudere vrouwen wonen zelfs het grootst van alle huishoudensgroepen. Veel ouderen wonen daardoor in voormalige gezinswoningen waar na het vertrek van de kinderen nog één of twee bewoners over zijn.

Terwijl jonge gezinnen op zoek zijn naar ruimte, blijft een groot deel van de woonruimte feitelijk ongebruikt.

De woningmarkt zit muurvast. Starters vinden geen huis, jonge gezinnen blijven hangen in appartementen en de politieke reflex is voorspelbaar: er moeten meer woningen worden gebouwd.

Dat is waar. Maar het is niet het hele verhaal.

Een groot deel van de woningvoorraad staat er al. Alleen wonen er vaak steeds minder mensen in.

Nederland telt inmiddels ruim 3,7 miljoen inwoners van 65 jaar en ouder. In de komende decennia groeit dat aantal door naar meer dan vijf miljoen. Veel van hen wonen in een huis waar ooit een gezin zat: een rijtjeshuis, twee-onder-een-kap of vrijstaande woning met meerdere slaapkamers.

Na het vertrek van de kinderen blijven vaak één of twee bewoners over.

Grote huizen, kleine huishoudens

Ouderen verhuizen weinig. Dat is begrijpelijk. Mensen wonen soms al tientallen jaren op dezelfde plek. De buurt is vertrouwd, de buren zijn bekend en verhuizen levert vaak weinig op.

Ongeveer de helft van de 75-plussers woont al langer dan dertig jaar in dezelfde woning.

Intussen verandert de huishoudsamenstelling. Eenpersoonshuishoudens nemen toe, vooral onder ouderen. Daardoor ontstaat een merkwaardige situatie: ruime gezinswoningen worden bewoond door één of twee mensen, terwijl gezinnen juist ruimte zoeken.

Het gevolg is een woningmarkt die nauwelijks beweegt.

Langer thuis wonen als beleid

De overheid heeft de afgelopen jaren sterk ingezet op één principe: ouderen moeten zo lang mogelijk thuis blijven wonen.

Dat klinkt logisch. Maar beleid heeft altijd bijwerkingen.

Wanneer ouderen langer in dezelfde woning blijven wonen, blijven ook de woningen waarin zij wonen bezet. Grote huizen waar ooit vier of vijf mensen woonden, worden dan nog door één of twee bewoners gebruikt.

Daarmee blijft een aanzienlijk deel van de woningvoorraad buiten bereik van jonge gezinnen.

De vergeten oplossing

Er ligt een andere route voor de hand: bouw meer woonvormen waar ouderen graag naartoe verhuizen.

Niet het klassieke verzorgingshuis, maar moderne wooncomplexen met zelfstandige appartementen, gedeelde ruimtes en voorzieningen dichtbij. Hofjes, seniorencomplexen of geclusterde woonvormen.

Veel ouderen staan daar best voor open, zolang comfort en zelfstandigheid behouden blijven.

Zo’n verhuizing zet bovendien een hele keten in gang. Een gezin kan de vrijgekomen eengezinswoning betrekken. Hun oude woning komt weer beschikbaar voor starters. Eén verhuizing kan meerdere huishoudens laten doorstromen.

Ook voor de zorg logischer

Er speelt nog iets anders. Ouderen wonen steeds vaker verspreid over de stad of het dorp, terwijl zorg juist mobiel moet worden georganiseerd.

Thuiszorg rijdt van adres naar adres. Wmo-ondersteuning wordt over een hele wijk verdeeld. Dat maakt zorg duur en inefficiënt.

Geclusterde woonvormen veranderen dat. Wanneer ouderen dichter bij elkaar wonen, kan zorg makkelijker worden georganiseerd. Eén locatie, meerdere bewoners, gedeelde voorzieningen.

Dat scheelt kosten, maar ook organisatie.

Een tweede voordeel: minder eenzaamheid

Onder ouderen komt eenzaamheid veel voor. Ongeveer de helft van de 75-plussers voelt zich eenzaam.

Dat probleem wordt groter wanneer mensen alleen in een ruime woning blijven wonen terwijl hun sociale netwerk kleiner wordt.

Woonvormen waarin mensen dicht bij elkaar wonen zorgen vanzelf voor meer contact. Een praatje in de gang, een gezamenlijke ruimte, een buur die even langskomt. Het klinkt klein, maar het verschil kan groot zijn.

De stille woningreserve

De woningnood wordt vaak gezien als een puur bouwprobleem. Meer huizen bouwen is nodig, maar het lost niet alles op.

Verspreid door Nederland staan honderdduizenden ruime gezinswoningen waar nog maar één of twee mensen wonen.

Daar ligt een stille woningreserve.

Door aantrekkelijke woonvormen voor ouderen te bouwen, komen die woningen vanzelf weer beschikbaar voor gezinnen.

Niet door mensen te dwingen te verhuizen maar door een alternatief te bieden dat beter past bij hun volgende levensfase.


Bronnen

CBS – Woonoppervlakte naar leeftijd https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2022/48/alleenstaande-oudere-vrouwen-wonen-het-grootst

CBS – Bevolkingsprognose en aantal 65-plussers
https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/51/bevolkingsprognose-vanaf-nu-meer-ouderen-dan-jongeren

Kadaster – Ouderen op de woningmarkt
https://www.kadaster.nl/-/5-opvallende-feiten-over-ouderen-op-de-woningmarkt

RIVM – Eenzaamheid naar leeftijd https://www.vzinfo.nl/eenzaamheid/leeftijd-en-geslacht